begin > toverslag > 2010 > lekker eten 



Toverslag 2010

Hier staan toverslagen (magische verslagen) van oromaan, xylomaan en totaaltovenaar ZALiX.

maandag 18 oktober 2010

Lekker eten

Was ik toch mooi even in mijn zelfgebakken flauwekul gestonken zeg. Ik doel op de laatste twee alinea's van mijn vorige stukje waarin ik naar anderen begon te wijzen als de eerste de beste predikant of dominee. Dacht kennelijk echt even dat ik achter de kansel stond.

Gauw maar weer wegwezen daar want bij een kansel hoort een religie, bij een religie horen naast gelovigen vooral heel veel ongelovigen en tegen ongelovigen moet geheid oorlog gevoerd worden. Ik hou niet van oorlog dus ik hou niet van kansels, zo eenvoudig zit ik in elkaar.

Doe mij maar een podium in een concertzaal, daar ben ik veel beter op mijn plek. En daar dient dus niet gepreekt te worden, daar moeten vooral kunstjes geflikt worden. Wie weet komt het er nog eens van. Heerlijk lijkt me dat, ik op een groot podium lekker op mijn accordeon door de bocht scheuren terwijl iedereen zijn klep moet houden en niet eens de vingers in de oren mag stoppen want dat is heel onbeleefd.


Toverslag - kerk zweeloo

Romaanse kerk met houtgedekte klokkentoren, Zweeloo


Met één randverschijnsel van religies heb ik minder moeite: kerken. Er zijn weinig gebouwen waar mensen zo hun stinkende best op doen als op kerken. Kerken mogen mooi zijn, kerken mogen iets extra's hebben en van kerken wordt net altijd wat meer werk gemaakt dan van een loods op een industrieterrein bijvoorbeeld.

Armoedige blikken loodsen op industrieterreinen fotografeer ik ook wel eens, heel af en toe, maar kerken doe ik liever. Ik zou ook best eens een leuke boerenmoskee willen fotograferen maar die ben ik nog niet tegengekomen op mijn zwerftochten over het platteland. Daar zijn er kennelijk toch nog wat te weinig van.

Ergens in Friesland schijnt midden in de leegte wel een fraaie stupa te staan, da's van nog weer een ander geloof, en als mijn benen me ooit weer fatsoenlijk willen dienen ga ik die eens met een bezoek vereren. Alleen van buiten hoor want het gaat mij gewoon om het plaatje, verder niets.

Om nog even terug te komen op mijn uitglijer van vorige keer: ik zal mezelf het publiekelijk preken hier voortaan verbieden en laat dat verder met alle liefde aan anderen over. Ik zeg niet dat ik het niet heel erg goed zou kunnen met mijn donderende stem en priemende vinger maar er zijn gewoon te veel andere dingen in het leven die ik nog net wat leuker vind om te doen.

Het zou verder ook beslist niet stroken met mijn voornemen voor 2010 om vooral meer kolder te gaan produceren. Wat mij niet ontslaat van de verplichting om nog even netjes op te sommen wat ik zoal aan eten weggooi want die toezegging stond al en ik wil mezelf nergens laf onderuit smoezen.

Brood. Brood gooi ik niet weg want dat bak ik zelf. Verder is een van de bijzondere eigenschappen van zuurdesembrood dat het ook nog smaak heeft als het keihard is. Waar gistbrood na een of twee dagen al snel de smaak van karton, stro of oude schoenen nadert smaakt zuurdesembrood nog gewoon naar zuurdesembrood. Kauwen wordt hard werken, dat geef ik zonder meer toe maar het blijft smaak houden.

Meel. Ongeveer vijftien jaar geleden heb ik een akelig volle zak meel weg moeten gooien omdat hij vochtig was geworden in de kelder. Meel hoort niet in de kelder, dat vergeet ik nooit meer. Maar uiteindelijk is meel alleen maar gemalen graan en graan is eigenlijk een soort graszaad. En ik heb het gemalen graszaad ook nog eens keurig op de composthoop gegooid dus wat kan daar in vredesnaam mis mee zijn. Toch?

Heel soms gooi ik een rotte aardappel weg. Of een blaadje verlepte prei of een gistende banaan. Het laatste bedorven ei kan ik me niet herinneren en dat geldt ook voor vruchtensap. Vorig jaar heb ik een bodempje shoyu, een soort sojamaggi, weggegooid omdat mijn vrouw twijfels kreeg over smaak en geur. De fles was al vele jaren over datum, foei ons viezeriken en spilzieke nesten!

Hoe ik ook mijn best doe, ik kom niet veel verder dan dat. Dat komt niet omdat ik geloof in de wereld of in zuinigheid of in het alweer veel te trendy wordende 'duurzaam'. Duurzaam, bah. Zelfs onze eigen gemeente, die zo gretig en royaal met de gifspuit langs de plantsoentjes rijdt, noemt zich nu al duurzaam. Het moest niet mogen en je zou er stiekem toch nog weer een kerk voor of tegen willen oprichten.

Dat ik zo weinig eten weggooi komt, schrik niet, omdat ik leef met aandacht. Brrr, dat is best een griezelige bekentenis en ik vind het zelf ook ranzig klinken maar ik weet geen beter woord en het is gewoon waar. Zorgvuldig zou ook kunnen maar dat klinkt nog veel enger vind ik.

Samenvattend: het kost me geen enkele moeite om zo weinig eten weg te gooien. Ik doe er beslist niet mijn best voor en ik denk zeker niet aan het zielige milieu als ik een lekker potje kook. Het gaat gewoon helemaal vanzelf. Lekker makkelijk hoor.

Hoe kan dat toch, vraag ik mezelf tijdens het schrijven van dit stukje af. En opeens weet ik het antwoord: ik eet alleen lekkere dingen. Lekkere dingen gaan altijd schoon op, nogal wiedes. Lekkere spruitjes, lekkere witlof en lekkere boterhammen met nog lekkerder pindakaas. Dat blijft niet over, dat gooi je niet weg, dat eet je zonder moeite allemaal heel duurzaam op.

En omdat ik af en toe een stukje fiets word ik er niet eens dik van, ook dat nog. Zie je wel dat ik eigenlijk, als ik gewoon even stop met al dat gejammer en geklaag, een grote geluksvogel ben. Nou alleen nog even beroemd en stinkend rijk worden, dan ga ik lekker mijn eigen kerk bouwen. Eentje zonder kansel natuurlijk en je hoeft nergens in te geloven om naar binnen te mogen. Want mijn hart is groot en ik hou van alle mensen. Maar niet van vieze spruitjes, die lust ik niet.





 
Copyright - ZALiX - 2006 / 2018