begin > toverslag > 2010 > lekker laag 



Toverslag 2010

Hier staan toverslagen (magische verslagen) van oromaan, xylomaan en totaaltovenaar ZALiX.

donderdag 30 september 2010

Lekker laag

Terwijl ik onderweg in de berm sta te piekeren over een foto, zal ik hem nou wel maken of zal ik hem nou niet maken, stopt er een oudere fietser naast me. 'Hij is wel heel erg laag he', opent hij het gesprek. Ik hou niet van dat soort openingszinnen en ben meer gecharmeerd van 'wat een mooi weer zeg' of 'mag ik u wat vragen'. Zuiver om mee te beginnen dus, later mag wat mij betreft elk vooroordeel ter tafel gebracht worden, daar raak je als zwervende velomobilist op den duur heus wel een beetje aan gewend.

Dus ik zeg overdreven vriendelijk 'goedendag' om, ook al is het dan achteraf, toch nog even het goede voorbeeld te geven. Dat helpt niet veel. Ik meen nog ergens een 'ja' te horen mompelen maar krijg het gevoel dat dit soort beleefdheden niet zo besteed zijn. Opeens word ik dwars en bokkig, eigenlijk heb ik nu even helemaal geen zin in zo'n doorsnee afzeikgesprek. Dus ik zeg: 'Erg laag is niet erg hoor maar juist fijn, je kunt lekker onder de wind door fietsen'.

De man slaat keihard terug. 'Krijg je geen zere rug van zo'n raar stoeltje, dat lijkt me eigenlijk helemaal niet lekker zitten, eh liggen'. Mijn jeukende punthoofd begint op te spelen onder mijn fietshelm maar ik blijf vriendelijk en zeg dat mijn stoeltje erg goed bevalt. Dan steekt hij opeens zijn hand in mijn velomobiel en begint wat aan het stoeltje te trekken en schuiven. Ik wil mijn halve boterham terugleggen in de fiets, mijn eetlust is wel even over zo, maar kan er niet bij want inmiddels hangt mijn gesprekspartner ondersteboven in mijn fiets.

Ik word steeds bozer en bokkiger en zonder iets te vragen druk ik me naast de man ondersteboven in mijn fiets, wel een beetje erg intiem zo, en duw hem een stukje aan de kant om bij mijn broodtrommel te kunnen. Dat lukt met wat moeite en eindelijk gaat de man weer overeind staan.

Hij begint op de staart van de fiets te kloppen. Niet hard maar dat hoeft ook niet meer om me witheet te krijgen. Ik kook royaal maar hou me in, dit kan mijn fiets heus wel hebben, wat zachte gemoedelijke klopjes op de staart.

Dan stelt de man een volgende vraag en begint tegelijkertijd op mijn fiets te leunen. Opeens kook ik over, ik zou niet eens meer weten wat zijn vraag was, en vraag of hij dat soms ook bij hele dure glimmende auto's van anderen doet. Erin graaien, eraan trekken, erop kloppen en er vervolgens als de eerste de beste hangoudere tegenaan gaan staan hangen.

Ik word glazig aangekeken. Terwijl vermoedelijk enige stoom via mijn oren mijn lichaam verlaat zeg ik: 'U moet van mijn fiets afblijven meneer, het is flinterdun kunststof dat erg kwetsbaar is. En ik vind het ook helemaal niet zo netjes dat u overal aan zit te trekken en pulken. Zelf zou ik het niet in mijn hoofd halen om zo met andermans spullen om te gaan'.

Sprakeloos is hij. Misschien wordt er nog een soort excuus gemompeld, misschien ook niet, ik hoor het niet eens meer. Veel te veel stoom om me heen. De man deinst achteruit, klimt rap op zijn fiets en rijdt met hoge snelheid weg.

Ik stuur hem nog een overdreven en niet gemeende groet na maar die gaat op in de wind die over het Belterwijde komt aanzetten. Net zoals de luidruchtige conversatie die ik vervolgens diep weggedoken in mijn Quest met mezelf hou. Over brutale schoften, plurken, hufters en straatschooiers en daarmee bedoel ik bij uitzondering nu eens niet mezelf. Want anderen kunnen er af en toe ook wat van hoor.


Toverslag - kraan met maaibalk

Kraan met knippende maaibalk, Weerribben


Later maak ik ook nog een leuk praatje. Met een sigaren rokende kraanmachinist die eigen baas is en die voor het eind van het jaar 250 kilometer sloot van de gemeente moet uithalen met zijn korf met rammelende knipmessen. Die eens per jaar vervangen worden en als ze in een verdwaald betonnen paaltje bijten springen de stukken om je oren.

Ik vraag hoe hij ervoor zorgt dat de bak netjes de contour van de sloot volgt. Want er groeit hier teveel riet om op het zicht te kunnen werken. Gevoel, het gaat allemaal op het gevoel. Eenworden met je machine en elke trilling, grom en kreun herkennen.

Eigenlijk mag hij maar de halve sloot doen van de gemeente want de overkant is niet van de gemeente maar van een ander. Maar het scheelt niks in tijd en omdat hij dikwijls op het terrein van boeren moet zijn om bij een sloot van de gemeente te kunnen doet hij alles maar, dat maakt het een stuk makkelijker om overal bij te mogen.

Binnen een halve sigaar weet ik bijna alles wat een slootkraanmachinist zoal tegenkomt onderweg en als afsluiting van deze piepschaft midden in de Weerribben maak ik nog een paar foto's van de kraan. Ik hou de camera daarbij heel erg laag want ook in de fotografie geldt, net als bij het fietsen: heel erg laag is zelden erg en meestal juist heel lekker. Vooral met zo'n fantastisch draaikukelklapschermpje op je toestel, maar die jubelpartij is weer voor een andere keer.





 
Copyright - ZALiX - 2006 / 2018